Na beschadigingen van zenuwweefsel (zoals bij een beroerte, dwarslaesie, of zenuwontsteking bij suikerziekte) kan zenuwpijn ontstaan. Deze pijn is het gevolg van afwijkende geleiding van pijnprikkels in zenuwen. U kunt dit vergelijken met een verkeerd aangesloten telefoondraad, waardoor de telefoon constant blijft rinkelen. Het zenuwstelsel wordt dan constant in actie gebracht omdat het ‘denkt’ dat er ergens een weefselbeschadiging is. 

Dit soort pijn is vaak niet goed te verminderen met de ‘gewone’ pijnstillers. Bij zenuwpijn geeft de arts vaak een geneesmiddel dat de prikkelgeleiding in zenuwen vertraagt. Hiervoor gebruiken we vaak antidepressiva en anti-epileptica. 

Het is goed om u te realiseren dat deze tabletten niet worden voorgeschreven omdat de dokter denkt dat ‘het tussen de oren zit’. Deze middelen worden speciaal tegen de pijn voorgeschreven. Veelgebruikte tabletten zijn amitriptyline (Tryptizol, Sarotex) en carbamazepine (Tegretol).

Een andere manier om pijn te bestrijden is om de zenuw die de pijn prikkels vervoert te dempen. Dit wordt in het algemeen een zenuwblokkade genoemd. Moderne zenuwblokkades zijn veilig en beschadigen zenuwen niet. 

Anderzijds zijn er soorten pijn die worden veroorzaakt door afwijkingen in hersenen en ruggenmerg. Hierbij heeft het minder zin om de zenuwgeleiding te dempen en zult u mogelijk weinig resultaat ondervinden van een zenuwblokkade. Er zal dan moeten worden gezocht naar een andere behandeling om uw pijnklachten te verminderen.